Karel de Grote Hogeschool
Brusselstraat 45 - 2018 ANTWERPEN
03 613 13 13
info@kdg.be
Hechten en vechten7223/1690/2122/24767/51
Studiegids

Hechten en vechten

7223/1690/2122/24767/51
Academiejaar 2021-22
Komt voor in:
  • Banaba in de zorgverbreding en remediërend leren, trajectschijf 1
  • Banaba in het buitengewoon onderwijs
  • Postgraduaat Autismespectrum
Dit is een deel van het opleidingsonderdeel Keuzetraject 21-22.
Studieomvang: 3 studiepunten
Gewicht: 3,00
Totale studietijd: 75,00 uren
Coördinator: Murawski Bert
Taalvak: Nee
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Academiejaar

Studiematerialen algemene info: Verplicht

Aanvullende studiematerialen vind je op de elektronische leeromgeving of krijg je van de docent(en).

Studiematerialen

BNB BOZO Keuzevak: Hechten en vechtenVerplicht
  • Uitgever: Karel de Grote Hogeschool
  • Editie: van het betreffende academiejaar
  • Medium: Digitale leeromgeving
  • Niet te koop via de verkoopdienst

Werkvormen algemene info

De studiebelasting omvat contacturen, supervisiesessies, praktijkervaring en een persoonlijke praktijkgerichte verwerking.
Contacturen en supervisiesessies kunnen online en/of op de campus plaatsvinden.

Werkvormen

Totale studietijd75,00 uren
  • Duur: 1 academiejaar
  • Startmoment: Periode 1

Leerresultaten

CodeOmschrijving
OLR1.11.1 De bachelor-na-bachelor maakt met alle betrokkenen (leerling, ouders en anderen in diens netwerk, partners in onderwijs) verbinding en stelt zich in communicatie gelijkwaardig op.
OLR1.21.2 De bachelor-na-bachelor hanteert een waarderende en autonomie-ondersteunend taalregister met alle betrokkenen
OLR1.31.3 De bachelor-na-bachelor verzamelt op systematische wijze gegevens van een leerling met specifieke ondersteuningsbehoeften en diens context via observatie en gesprek.
OLR1.41.4 De bachelor-na-bachelor schat vanuit de beginsituatie van een leerling diens mogelijkheden (en beperkingen) correct in en formuleert individuele doelen om welbevinden, leren en participatie toekomstgericht te bevorderen.
OLR2.12.1 De bachelor-na-bachelor handelt interprofessioneel, zet communicatievaardigheden in die de samenwerking bevorderen en neemt als lid van het team verantwoordelijkheid op voor het behalen van collectieve resultaten.
OLR2.22.2 De bachelor-na-bachelor draagt zorg voor zichzelf en anderen na het opmaken van de balans draagkracht en draaglast van het team.
OLR2.32.3 De bachelor-na-bachelor kan de basisvaardigheden van teamcoaching toepassen op een team van leerlingen en/of collega’s.
OLR2.42.4 De bachelor-na-bachelor realiseert een duurzame en gelijkwaardige samenwerking op alle niveaus van het zorgcontinuüm met alle betrokken actoren in de school en in het brede netwerk rondom de school.
OLR2.52.5 De bachelor-na-bachelor zet vergadertechnieken effectief en efficiënt in, kan leiding nemen en gepast omgaan met weerstand.
OLR3.13.1 De bachelor-na-bachelor handelt planmatig en inclusief. Hij coördineert de afstemming tussen de doelen en aanpak; leerinhouden, leermiddelen, groeperingsvormen, evaluatievormen worden geënt op de specifieke (sub)groep én op de specifieke leerling binnen deze groep.
OLR3.23.2 De bachelor-na-bachelor voert goed (klas)management vanuit inzichten uit groepsdynamische processen en factoren die gedrag bepalen.
OLR3.33.3 De bachelor-na-bachelor zet specifieke (technologische), ondersteunende communicatiemiddelen in, wanneer deze een meerwaarde bieden voor het leerproces van de leerling(en).
OLR3.43.4 De bachelor-na-bachelor hanteert een correcte onderwijstaal, afgestemd op het ontwikkelings- en sociaal-emotionele niveau van de leerling(en); hij stelt (denk-, doe- en voel-) stimulerende vragen en geeft op (cruciale) momenten gericht feedback, waarbij hij het leerproces van de leerling zichtbaar maakt.
OLR3.53.5 De bachelor-na-bachelor coacht de leerling in autonomie en zelfregulerend leren; van zodra het kan, bouwt de bachelor-na-bachelor de ondersteuning gestaag af.
OLR3.63.6 De bachelor-na-bachelor coördineert administratieve taken, gekoppeld aan het handelingsgericht werken.
OLR6.16.1 De bachelor-na-bachelor formuleert zijn ondersteuningsbehoeften en neemt het eigenaarschap van de professionalisering op om kwaliteitsvol onderwijs te kunnen realiseren.
OLR6.26.2 De bachelor-na-bachelor blijft de eigen professionaliteit ontwikkelen, vanuit een actief onderzoekende houding en door samen te werken met en te leren van diverse interne en externe partners in professionele leergemeenschappen en netwerken.

Leerdoelen

  • Je verwerft inzicht in de ontwikkelingspsychologische, neurobiologische en sociobiologische inzichten in verband met hechting en emotionele ontwikkeling
  • Je hebt inzicht in de betekenis van hechting doorheen de levensloop van een mens
  • Je hebt inzicht in de wijze waarop je als begeleider/leerkracht een kind/jongere met hechtingsstoornissen kan ondersteunen, begeleiden

Leerinhoud

Doelgroep: basis- en secundair onderwijs

Hechten en vechten
...naar de elementaire deeltjes van ons sociaal gedrag en hoe te beïnvloeden in een school

We ontwikkelen tot al of niet evenwichtige mensen in nabijheid van andere mensen. Dat is een axioma. Niemand ontsnapt hier aan want hechten hoort bij het menszijn, we bezitten allen een eigen hechtingsprofiel dat je gedrag aanstuurt als ouder, partner, vriend, collega…. In dit ontwikkelingsproces spelen papa en mama, broers en zussen en vele anderen een rol. Vanuit een veilige hechtingssituatie wagen we de sprong om onszelf emotioneel te ontwikkelen.

Sommigen krijgen geen veilige emotionele uitvalsbasis, hechten wordt vechten, mensen geraken ‘hechtingsgestoord’, vertonen bindingsangst of verlatingsangst. Anderen hebben een bijzondere situatie om hun leven richting te geven. We denken aan adoptiekinderen, pleegkinderen, (v)ehtscheidingskinderen, instellingskinderen, veelouderkinderen enz. Dit merk je aan bijzonder gedrag en/of leerproblemen.

De school, de leerkrachten en ondersteuners hebben hier een verantwoordelijke taak. Hoe ziet de leerkracht als hechtingsfiguur eruit, wat is pedagogische sensitiviteit? We gaan hier zoeken naar een basishouding die een optimale hechting, binding, band verzekert. De binding tussen leerkracht en kind/jongere is het fundament van goed onderwijs en leerzorg.

Instap- en studiebegeleiding

Bij dit opleidingsonderdeel hoort vakgeïntegreerde studiebegeleiding. Voor andere vormen van studiebegeleiding kun je terecht bij je leertrajectbegeleider, die je kan verwijzen i.f.v. specifieke studiebegeleiding.

Evaluatie algemene info

De evaluatie gebeurt op niveau van het samengesteld opleidingsonderdeel "Keuzetraject". Je vindt de algemene informatie over de evaluatie van de keuzevakken dan ook terug in de ECTS-fiche van dit samengesteld opleidingsonderdeel.